Ontwapening in Warstein

O

Was hast du da? Zegt het meisje, en het wordt stil in de kring. Haar kleine vinger wijst naar het plekje onder mijn rechterneusvleugel. Het kon toch geen witte kop meer hebben, hier had ik vanmorgen voor gezorgd. Hij was op z’n retour, de rode schilfer moest binnen enkele dagen helemaal weg zijn. Anna had me beloofd dat er niets meer van te zien was.

Ze had alles kunnen aanwijzen: mijn ogen, mijn schoenen, mijn lippen, maar het kind heeft haar aandacht gevestigd op de onregelmatigheid die mijn gezicht doet onderscheiden van de gezichten die ze gewend is. What’s next: een van mijn drie grijze haren? Het verticale lijntje tussen mijn ogen? Waarschijnlijk het laatste; als ik zo naar haar blijf kijken. Was ist das denn? Het meisje heeft alle tijd. Zes paar Duitse ogen kijken me aan terwijl ik me afvraag wat in godsnaam het Duitse woord voor pukkel is.

Warstein is een stadje in Nordrijn-Westfalen waar als je alle dorpen in de omgeving meetelt zo’n 25.000 mensen wonen. Twee daarvan ken ik; Herr und Frau Frinz, geboren Warsteiners en de ouders van Anna. Ik ben uitgenodigd een aantal dagen door te brengen in hun huis, als onderdeel van een minivakantie in Duitsland.

Op de heenweg bereidt Anna me voor op het bezoek en op haar ouders. Als ik haar vraag wat hun voornamen zijn, waarschuwt ze me. Herr en Frau zijn hun voornamen, etiketten werken anders dan in Nederland. Van de Bij twijfel Sie-regel ben ik op de hoogte, maar het had haar zwager maar liefst 15 jaar gekost voordat zijn schoonouders hem de Du aanboden, en met deze man leek niets mis. Dan was er het eten, ik moet rekenen op veel en vaak. Frau Frinz zou runderrollade maken, dat deed ze normaal alleen met Kerst. Tenslotte wijst Anna me op de Duitse prestatiedrang in het onderwijs. Met welk briljant plan in het achterhoofd maakte ik ook al weer mijn studiekeuze?

En oja, zegt Anna als ze de auto voor de deur parkeert, het liefst praten ze Duits.

Frau Frinz rent de trap af terwijl haar man hun jongste dochter omhelst. Zijn lichaam is als dat van een trekpop: de armen hangen langs zijn lichaam en schieten na enkele seconden oogcontact de lucht in, waarna ook zijn ogen en mond wijd open worden getrokken, alsof ook hier een touwtje achter zit. Mijn oogcontact met Anna’s moeder, inmiddels beneden, duurt langer, maar dan vliegen er ook voor mij twee armen de lucht in. Veel over me gehoord – hoe was de reis – tas aannemen – ga toch zitten. Het poppentheater gaat door in de eetkamer.

Sachertorte, berlinerbollen, apfelkuchen, kannen koffie, vers fruit uit de tuin. Een tweede keer opscheppen hoeft niet maar is wel gewenst, ze zijn er speciaal voor naar de bakker gereden en morgen zou het minder lekker zijn. Na het tegenvallende weer in Warstein, het weer in Nederland en de voorspelde zon precies als ik weer zou vertrekken, wordt al gauw de verwachte koers van Angela Merkel’s campagne besproken. In het huis vol doctorstitels is geen mening geen optie. Wat ik vind van haar tegenstander? Zijn plannen? Schulz! roep ik trots, en leg hiermee mijn volledige kennis van de Duitse politiek op tafel. Grapjes maken dan maar, en taal; dat zou tenslotte mijn ding moeten zijn. Maar het Duits van familie Frinz hanteert een onnavolgbaar gebruik van koppelwerkwoorden; bij twijfel lijkt iedere zin met een combinatie van twee volstrekt willekeurig gekozen koppelwerkwoorden te eindigen. En aan het publiek past men zich aan: ‘Bedankt dat ik hier moet logeren zijn blijven’ hoor ik mezelf na verloop van tijd zeggen.

Net als ik gewend ben geraakt aan vijf dagen aan staan, Neue Deutsche Grammatik heb gegoogled en me bij twee kilo zwaarder terug naar Nederland heb neergelegd, arriveren Anna’s zus, zwager en hun peuter van twee. Mijn gastvrouw en -heer zijn verdwenen. Hun plek is ingenomen door twee entertainers, die op handen en knieën lama’s imiteren, van de kussens van hun sjieke bankstel hutten bouwen en zinnen produceren met hierin hoogstens één, onvervoegd werkwoord. Alles ter vermaak van das süßes schatzen, dat Anna’s ouders twee jaar geleden grootouders had gemaakt.

De runderrolade is heerlijk, evenals de Riesling en de Grüner veltliner. Omdat ik niet kan kiezen krijg ik twee glazen, beide tot de rand gevuld. Wanneer Herr Frinz proost op de vriendschap tussen Nederland en Duitsland, zie ik dat hij zijn glazen al heeft leeggedronken. We gaan een mooie avond tegemoet. Tijdens het toetje leest men om de beurt mijn kaartje met Nederlandse tekst erop voor. Iedereen lacht, eet en drinkt. Niemand kijkt op wanneer Herr Frinz plots naar de keuken rent om het cadeau van zijn Nederlandse gast uit te spugen. Een klodder pindakaas met extra stukjes noot belandt op de resten sachertorte, berlinerbollen en apfelkuchen. Oh en ik kan Du zeggen, als ik dat makkelijker vind.

Ein Pickel! Zeg ik tegen het wijzende meisje en bedank haar dat ze met haar lieve aanwezigheid mijn minivakantie zo mooi heeft gemaakt.

Over de auteur

Reageer

Door Carolien

Recente verhalen

Categorieën

Recente reacties

Archief