Shanti

S

‘Marie schatje, kom je even naar beneden?’ Ik heb de telefoon van de intercom in mijn hand en realiseer me dat dit toestel mijn enige wapen is. De enige manier om de afstand tussen mij en mijn buurvrouw veilig te houden. Elke traptrede die ik afdaal is er een richting haar territorium, een druk op de zoemer is een overgave. De trap af dan maar, twintig treden tijdwinst – hoewel ik mijn besluit al heb genomen. Ik focus me op mijn wisselgeld. Is mijn sportafspraak inzetbaar als onderhandeling? Of mijn gemoedstoestand excuuswaardig? Als met een witte vlag wapper ik de deur open – ‘Hoi Shanti, hoe gaat het?’

Kapsalon Mahavir in Rotterdam noord is gespecialiseerd in krullend, kroezend en glad haar. Vergelijkbaar met groenteboer Frenk van de Polder op de Bergselaan, die naast trippel A-asperges adverteert voor de nieuwe varianten van Tony’s Chocolonely en ook de allerbeste is in het ontvangen en verzenden van PostNL pakketten. De kapper knipt haren, maar of deze geel, dik of onhandelbaar zijn, is om het even.

Shanti leunt tegen mijn deurpost. Haar jas hangt open, waardoor de plooien in haar t-shirt zichtbaar zijn. Haar buik slokt op drie plekken de stof naar binnen en nadat ze haar t-shirt aan de onderkant rechttrekt, blijven er natte horizontale strepen achter. Ik voel de warme meiwind mijn huis binnen waaien, vermengd met een ongewassen kledinglucht. Ik kijk op mijn horloge. Over tien minuten begint het achtuurjournaal, zou dat een legitieme reden zijn weer naar boven te gaan? Ik bereid me voor op een klaagzang over Annette van nummer 43, die zonder de buren in te lichten nieuwe fundering liet plaatsen onder haar huis. Het geschud van de heipalen had Shanti ziek gemaakt. Daarna zou ze klagen over het tegenvallende aantal klanten in haar salon, ‘en ik vraag maar een tientje, he Marie, een tientje, daar kan ik nauwelijks mijn roti voor klaarmaken.’

Toen ik twee jaar geleden het appartement boven de kapsalon kocht, ging mijn eerste leugen over het al hebben van een kapper. Latere leugens gingen over de begintijd van mijn voetbaltraining, of het vlees dat nu wel aangebrand moest zijn. Ik greep alles aan om maar niet overgeleverd te worden aan haar klaagzang, haar woede en haar controle. Toch is een vriendschappelijke relatie met Shanti van belang – de pot van onze VVE is leeg en de dakgoot is gaan lekken. Dus als ik thuiskom van een vakantie in Thailand en zij zich langs mij een weg weet te vinden naar mijn nieuwe Leolux, geef ik me over. Haar eigen vakantie in Thailand was veel spectaculairder, ‘en wat was het eten daar smerig he?’ Uren blijft ze zitten, uit de plooien van de bank komen nog steeds gladde, krullende en kroezende haren tevoorschijn. Ze had me geknuffeld – had me gemist.

Shanti praat. Haar mond beweegt langzaam op en neer, waardoor haar kinnen in traag tempo meedeinen als een eb-wordende branding. Haar haren hangen in dunne sliertjes langs haar hoofd. Ze heeft haar voeten met sokken in teenslippers gewurmd. De informatie blijft niet hangen, ik concentreer me op continueerders, korte vragen en enkele bevestigende waardeoordelen. Sleutel tot overleven is het met haar eens zijn, te gehoorzamen aan haar aandachtsverzoeken. Ik red me.

Wie hier niet in slaagt eindigt als haar man. Na twee jaar weet ik nog steeds niet hoe hij heet. Heeft hij wel een naam? Misschien is het Schatje. Onduidelijk is of hij kan praten. Hij brengt zijn dagen trimmend door, achterin de salon. Scherend schatje overleeft zwijgend, zonder intercom.

Over de auteur

1 reactie

Door Carolien

Recente verhalen

Categorieën

Recente reacties

Archief